Gewijzigde maatregelen

De startbonus is een premie voor een jongere die een alternerende opleiding volgt bij een werkgever. De stagebonus is een premie voor elke werkgever die een jongere opleidt of tewerkstelt in het kader van een alternerende opleiding. Beiden bedragen € 500 tot € 750. Naast de stagebonus kan elke werkgever ook van een fiscaal voordeel genieten.

Bovenop de stagebonus kan elke betrokken werkgever ook van een fiscaal voordeel genieten van 40%. Vanaf 1 januari 2020 werd dit fiscaal voordeel afgeschaft in de vennootschapsbelasting vanaf het aanslagjaar 2021 (voor boekjaren die ten vroegste aanvangen op 1 januari 2020).

Ondernemingen met minder dan 11 werknemers, kunnen een belastingvrijstelling verkrijgen van € 3.720 (basisbedrag) per in België bijkomende tewerkstelling van personeel met een laag loon.

Dit fiscaal voordeel werd in de vennootschapsbelasting afgeschaft vanaf het aanslagjaar 2021 (voor boekjaren die ten vroegste aanvangen op 1 januari 2020).

Ondernemingen kunnen een belastingvrijstelling verkrijgen ten belope van € 10.000 (basisbedrag) per bijkomende personeelseenheid die in België voltijds wordt tewerkgesteld als 'diensthoofd voor de uitvoer' of als 'diensthoofd van de afdeling Integrale Kwaliteitszorg'. Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd.

Dit fiscaal voordeel werd in de vennootschapsbelasting afgeschaft vanaf het aanslagjaar 2021 (voor boekjaren die ten vroegste aanvangen op 1 januari 2020).

Om de sociale lasten van de kmo’s te verlichten genieten ‘kleinere’ werkgevers van een automatische vermindering van 11,5%, berekend op een aantal sociale zekerheidsbijdragen.

Het grensbedrag van de compenserende bijdrage werd voor 2020 verhoogd tot € 211.456 ingevolge de evolutie van het indexcijfer.

Werkgevers kunnen in bepaalde gevallen gedeeltelijk worden vrijgesteld om de verschuldigde bedrijfsvoorheffing op de lonen van bepaalde werknemers door te storten aan de fiscus. Deze maatregel geeft een overzicht van de meeste mogelijkheden.

Vanaf 1 januari 2020 werden een aantal van deze gedeeltelijke vrijstellingen verhoogd: 1. Werkgevers uit de bouw- en aanverwante sectoren moeten vanaf dit jaar 18% (vorig jaar 6%) van de bedrijfsvoorheffing op de lonen van de tewerkgestelde werknemers in ploegverband op werven, niet doorstorten aan de fiscus. 2. Werkgevers uit de privé sector en kennisinstellingen kunnen van een vrijstelling van doorstorting van 80% genieten op de lonen van bepaalde onderzoekers. Voor een aantal bachelordiploma's werd de vrijstelling dit jaar opgetrokken van 40% tot 80% (evenwel beperkt tot 25 of 50% van het totale bedrag van de vrijstelling zoals toegepast voor de werknemers met een specifiek master- en/of doctordiploma).